L´Avenue

Het stedenbouwkundig plan voor circa 400 woningen is gebaseerd op de landschappelijke onderlegger, bevat een centrale waterplas om een goede waterhuishouding te kunnen realiseren, en heeft een planinhoud van diverse categorieën woningen: van vrijstaand op grote kavels tot rijwoningen voor starters. Het woonmilieu is groen en suburbaan, in lage dichtheid.

Het ontwikkelde stedenbouwkundig plan heeft een dorpsachtige uitstraling, met veel ruimte voor groen en een beeldbepalende waterpartij waarin een aantal eilanden is gelegen. De verschillende woningcategorieën zijn herkenbaar binnen het plan gesitueerd, maar niet gescheiden. De menging van woonmilieus gebeurt op een verantwoorde wijze; verantwoord in de sfeer van ontsluiting en beheer.

De (goedkope en middeldure) rijwoningen vormen in vier gesloten blokken met gemeenschappelijke binnentuinen de ruggengraat binnen het plangebied. Ze vormen het meest compacte deel van het plan. De parkeeroplossing van de rijwoningen is wezenlijk anders dan die bij de vrijstaande en twee onder een kapwoningen, waar het parkeren grotendeels op eigen terrein plaats vindt. Bij de rijwoningen is het parkeren in geconcentreerde parkeerhofjes, door groen omzoomd.

Door het maken van een waterplas van circa 3 ha zal het grondwaterpeil worden beheerst, waardoor een drooglegging van circa 1 meter moet worden bereikt. De waterplas is, met de sloten die het plangebied doorsnijden, beeldbepalend voor de nieuwe woonwijk. Het water en de oevers worden zo vorm gegeven dat ze zowel ecologische als recreatieve waarde hebben.

Van belang voor het stedenbouwkundig plan is dat er een eenheid ontstaat waarbinnen gevarieerd kan worden. Een eenheid die te maken heeft met het specifieke van de locatie (vlakbij zee en duinen, aan de rand van Rotterdam en Westland, met veel groen en een verrassende waterpartij). De voorgestelde eenheid ligt niet in een architectuurstijl, maar in samenhang in materiaal- en kleurkeuze, oriëntatie van woningen op straatruimten en plaatsing in reeksen.

Om de samenhang te bevorderen worden eisen gesteld aan de maatvoering, aan de kleurstelling van de gevels en aan de kleur van de dakbedekking. Er wordt gevraagd om een bij de badplaats passende architectuur: de samenhang binnen het gebied wordt door een lichte zandkleurige gevelsteen en een donkere genuanceerde dakbedekking verplicht te stellen, gewaarborgd. Vrijheid wordt verder geboden aan het uiterlijk van ondergeschikte bouwdelen, maar ook daar worden lichte en natuurlijke materialen en tinten, openheid van de gevels en dakoverstekken gewenst.

In de architectonische uitwerking moet ruimte worden gegeven aan het architectonisch detail: veranda’s, erkers, serres, luifels, balkons, schoorstenen, terrassen. Deze elementen dienen ook om de individualiteit van de woning te benadrukken.