VOC Cour Westerdokseiland

Ontwikkelingsmaatschappij Apeldoorn (OMA) kreeg in 1998 van wethouder Stadig de kans mee te doen aan de ontwikkelaarsselectie voor het Westerdokseiland. OMA koos MVRDV als architect; het resultaat was een driedimensionale puzzel van woningtypes waarvan het kenmerk was dat er overal buitenruimtes en dakterrassen voorkwamen. OMA werd met het plan, 3D-Dok, geselecteerd. Het plan zelf was een binnenkomer, het was niet het plan dat alom werd omarmd. Elementen ervan kwamen terug in de opdrachtomschrijving van de gemeente. De opdracht voor het stedenbouwkundig plan werd na een meervoudige selectie gegeven aan Peter Defesche.

Het stedenbouwkundig model van Peter Defesche was voor OMA aanleiding om met vier architecten en CH&Partners als buitenruimteontwerper een uitwerking van het Middenblok te maken. De architecten zijn MVRDV, John Bosch, Jeroen Schipper en Art Zaaijer. In workshopverband is een hele reeks voorstellen en modellen ontwikkeld, waarbij het woonprogramma en het parkeerprogramma steeds nieuwe mogelijkheden te zien gaven. Het workshopproces leidde niet tot een door iedereen gewenst ontwerp. Daarbij wijzigden ook de visie van de opdrachtgever, de inhoud van het commercieel programma en het referentiekader van het project steeds.

Na een bijna fatale deadline te hebben overschreden werd CH&Partners als coördinerend ontwerper aangesteld. Naast de verantwoordelijkheid voor de buitenruimte werd ook het stedenbouwkundig plan de opgave. In een kort traject met de gemeente (Jan Brouwer en Clemens Nuyens) en de supervisoren (Kees Rijnboutt, Michael van Gessel en Peter Defesche) ontstond overeenstemming over de nu gerealiseerde opzet.

Centraal in het stedenbouwkundig ontwerp staat een relatief ruime binnenplaats (de VOC-cour) met daaromheen een compositie van torens (van ongeveer 40 meter hoog), wanden (van ongeveer 22 meter hoog) en poorten (van ongeveer 10 meter hoog). De compositie is zo dat alle woningen optimaal wooncomfort hebben. Zonlicht dringt diep in de hof binnen. Windhinder wordt bestreden door de plaatsing van de gebouwen ten opzichte van elkaar en ten opzichte van de belendende blokken.

In de plintlaag is ruimte voor een commercieel programma; een sportschool, een kinderdagverblijf, woonwerkruimten, kantoorruimte, sociale verblijfsruimte en zelfs een kleine buurtsuper zijn aan de orde geweest. Dit programma draagt bij aan de gewenste levendigheid op de cour en in de openbare ruimte om het complex heen.

De cour zelf is geen openbare ruimte, maar draagt wel sterk bij aan de leefbaarheid van het complex. Het is wel openbaar toegankelijk (alle woningentrees liggen eraan) via vijf glazen poorten die op bepaalde tijden gesloten zijn.

Voor het hele Westerdokseiland had Peter Defesche bepaald dat stoere baksteen als materiaal de toon moest zetten en dat gevels niet direct duidelijk moesten maken hoe een gebouw in elkaar zit., Door de opdrachtgever werd de eis gesteld dat alle woningen een kwalitatieve buitenruimte moesten krijgen. En de relatie met de belendende blokken moest bestaan in de maatvoering van de gevels (parcellering). Deze regels, samen met de ontworpen skyline, bepalen het uiteindelijke beeld van robuuste blokken, stevige gevels met intrigerende patronen van openingen. Binnen deze basis valt het zeer transparante gebouwdeel van MVRDV op: horizontale banden van beton, staal en glas vormen net die frivoliteit die het totale complex luchtig houdt. Als onderdeel van deze knipoog zou in de cour nog een kas worden geplaatst, maar deze is uiteindelijk door de Vereniging van Eigenaren verworpen.