Rijnboutt kiest voor verscheidenheid

Rijnboutt kiest voor verscheidenheid

18 september 2026

Met de benoeming van vier associates treedt bij Rijnboutt een nieuwe generatie ontwerpers naar voren. Zij bouwen voort op de kennis en ervaring van het bureau, maar benaderen gebouwen, buurten en stedelijke opgaven vanuit verschillende invalshoeken. Die verschillen worden niet weggewerkt of gladgestreken, maar gekoesterd en ingezet om tot een uitgesproken resultaat te komen. Verscheidenheid leidt zo niet tot een compromis maar tot ontwerp als beargumenteerde stellingname.

Eke Wondaal, Michael Maminski, Mees Temmink en Stella Groenewoud krijgen naast de partners Maarten Castelijns en Frederik Vermeesch, een autonome rol in projecten. De inhoudelijke verantwoordelijkheid wordt daarmee breder belegd en er ontstaat ruimte voor verschillende ontwerpbenaderingen die elkaar beïnvloeden en versterken.   

Een nieuwe generatie
De kracht van Rijnboutt ligt niet in één stijl of handschrift, maar in de kennis die het bureau heeft opgebouwd rond complexe binnenstedelijke opgaven, erfgoed en transformatie en het vermogen om talent te stapelen. Door een nieuwe generatie autonomie en ontwerpvrijheid te geven, ontstaat pluraliteit en wordt het perspectief verbreed. Een nieuwe generatie begint niet opnieuw. Zij verhoudt zich tot wat eerdere generaties hebben opgebouwd en bepaalt wat zij daarvan meeneemt, voortzet of wijzigt. Opgaven worden opnieuw beoordeeld vanuit veranderende omstandigheden, door ontwerpers die anders zijn opgeleid en eigen ervaringen meebrengen. De gezamenlijke basis ligt in de professionaliteit en kwaliteit van het werk: nauwkeurig kijken, verschillende schaalniveaus verbinden, ontwerpkeuzes onderbouwen en verantwoordelijkheid nemen voor de uitwerking en uitvoering.

De stad als tabula scripta
Een ontwerp begint voor Rijnboutt nadrukkelijk bij een tabula scripta: een plek die al is beschreven. Bestaande gebouwen, stedelijke structuren en landschappen dragen de gevolgen van eerdere beslissingen en vormen tegelijkertijd het materiaal voor nieuwe ingrepen. Een ingreep voegt een nieuwe laag toe aan een omgeving die al bestond en zich daarna verder zal ontwikkelen. Dat vraagt om een zorgvuldige lezing van wat behouden, aangepast of toegevoegd kan worden. Een gerichte verandering kan en moet soms radicaal zijn, zolang zij goed wordt beargumenteerd.

Ontwerp als stellingname
Projecten ontstaan in coalities. Architecten en stedenbouwkundigen werken samen met opdrachtgevers, overheden, adviseurs, gebruikers en andere ontwerpers. Participatie, regelgeving, duurzaamheidsdoelen en technische eisen zijn wezenlijke onderdelen van de opgave, maar leveren op zichzelf nog geen ontwerp op.

Ontwerp mag niet worden gereduceerd tot het behalen van labels of het faciliteren van een proces. Bij brede samenwerkingen bestaat het risico dat een ontwerp een optelsom van compromissen wordt. Wanneer iedereen ergens iets van vindt, kan consensus uitmonden in een grijs gemiddelde waarin niemand zich werkelijk verantwoordelijk voelt voor het resultaat. Verschillende ontwerpbenaderingen moeten elkaar daarom beïnvloeden, bevragen en aanscherpen. Dat vraagt om ruimte voor ontwerpen die een duidelijke positie innemen en om ontwerpers die aanspreekbaar zijn op hun keuzes.

De architect en stedenbouwkundige bij Rijnboutt staat midden in dit krachtenveld, verbindt betrokken partijen en brengt ze in dezelfde richting. Wie zich uitsluitend als adviseur opstelt, laat de uiteindelijke keuze aan een ander. Rijnboutt kiest ervoor verantwoordelijkheid te nemen en te werken aan een sterk ruimtelijk resultaat.

Dat een bureau als Rijnboutt verandert, is noodzakelijk. De wereld is voortdurend in beweging, opgaven evolueren en generaties volgen elkaar op. Met het benoemen van vier associates organiseert Rijnboutt verscheidenheid bewust. Zo ontstaat een bureau dat richting geeft in een breed krachtenveld, dat ontwerpt en bouwt en al doende waarde toevoegt aan de stad en de samenleving.

Fotografie
Titia Hahne