Over Rijnboutt
Rijnboutt bestaat sinds 2009 onder de huidige naam. Het bureau komt voort uit de architectengroep VDL (Verster, Deelstra, Loerakker) in Amsterdam, waar Kees Rijnboutt in 1975 aantrad als architect-directeur. Het werk van Kees Rijnboutt weerspiegelt belangrijke verschuivingen in de Nederlandse stadsontwikkeling. Dat werk begon in de volkshuisvesting, met grootschalige naoorlogse woningbouw, waaronder het ensemble Bijlmer deel A (1968) en, als reactie daarop, Hoptille (1975), beide in Amsterdam- Zuidoost. Daarna volgden uitbreidingsgebieden met een fijnmaziger structuur, zoals De Gors (1978) in Purmerend en Redemark (1979) in Almere-Haven. Vervolgens verschoof de aandacht naar stadsvernieuwing in de grote steden, met als voorbeeld het ensemble Gerdesiaweg (1982) in Rotterdam. Vanaf de jaren tachtig kwam daar het hergebruik van verouderde, vaak industriële gebouwen bij, zoals het ensemble Wolters Noordhoff (1988) in Groningen en de Arrondissementsrechtbank (1997) in Zutphen. Ook de bouw van kantoren werd een terugkerende opdracht.
Naast zijn ontwerppraktijk vervulde Kees Rijnboutt publieke en toetsende rollen, onder meer als Rijksbouwmeester, stadsstedenbouwer in Den Haag en supervisor. Met de Stichting Nederland Nu Als Ontwerp (NNAO, 1984–1990) werkte hij aan scenario’s voor ruimtelijke vraagstukken op nationale schaal. Onder invloed van marktwerking vanaf 1985 verschoof het opdrachtgeverschap van overwegend collectief naar meer privaat. De portefeuille breidde zich uit met retail en winkelcentra, voor vestigingen van V&D en de Bijenkorf in Dordrecht, Maastricht, Enschede en Amsterdam, en voor stadscentra in Almere, Amstelveen en Leiden.
In 2004 richtten Kees Rijnboutt, Renée Liefting, Mattijs Rijnboutt en Bart van der Vossen het bureau Rijnboutt Van der Vossen Rijnboutt (RVR) op. In 2006 werd Frederik Vermeesch partner. In datzelfde jaar werd Prinsenhof in Den Haag opgeleverd, als onderdeel van een grootschalige stedelijke ontwikkeling, en begon de herbestemming van het bankgebouw aan het Rembrandtplein, later bekend als The Bank. In 2009 fuseerde het bureau met CH & Partners en koos het voor de huidige naam Rijnboutt: een ontwerpbureau voor architectuur, met een brede basis in stedenbouw en landschapsarchitectuur. In 2016 nam Kees Rijnboutt afscheid.
Grootschalige herbestemming- en transformatieopdrachten volgden: Gelderlandplein in Amsterdam-Buitenveldert (2016), Rokin District in Amsterdam (2016), The Garage in Amsterdam (2019), Post Utrecht aan het Neude in Utrecht (2020) en woningbouwprojecten als Bloom Merwede in Utrecht (2025) en Rootz in Haarlem (2019-heden).
In 2019 werd Maarten Castelijns partner. Tussen 2009 en 2022 verscheen jaarlijks het Rijnboutt Magazine, een publicatie met aandacht voor actuele ontwerpvraagstukken. Een veranderende samenleving met specifiekere en complexere opgaven gaf, samen met het vertrek van Bart van der Vossen (2021), Richard Koek (2023) en Mattijs Rijnboutt (2024), aanleiding tot een inhoudelijke herpositionering van het bureau. Renée Liefting, die aan die koers mede vorm gaf, vertrok in 2025. Met Rowan Rijsdijk als zakelijk directeur en Eke Wondaal, Mees Temmink, Michael Maminski en Stella Groenewoud als associates kreeg die herpositionering ook organisatorisch vorm.